Even iets rechtzetten

juni 1st, 2009 Posted in Geen rubriek

Ik heb een tijd niet geblogd. Niet omdat ik niets te melden had: iedere dag doe ik nieuwe ontdekkingen over plastic, positieve en negatieve. Enerzijds sta ik versteld van alle initiatieven die er al bestaan op het gebied van afvalvermindering, hergebruik en recycling. Anderzijds sta ik even versteld van de keerzijde van onze plasticproductie en –consumptie. Stof te over om heel wat blog entries mee vol te schrijven.

Het is juist de overmaat aan aandacht voor Plastic Soep die me van het schrijven heeft afgehouden. Neem afgelopen donderdag: eerst werd ik gebeld voor een live interview voor een consumentenprogramma op de Belgische radio, vervolgens vroeg de Nederlandse dagkrant nrc.next mij om informatie voor een voorpagina-artikel voor de vervuiling van de Noordzee, en ten slotte belde de Belgische dagkrant Het Laatste Nieuws omdat ze me op de radio hadden gehoord en een groot artikel wilden wijden aan de gifstoffen die in verschillende soorten plastic worden verwerkt.

Ik ben blij met alle aandacht die het onderwerp krijgt, tegelijkertijd bestaat het gevaar dat uitspraken van mij uit hun verband worden gerukt of verkeerd worden geïnterpreteerd. Zo stond deze week in HUMO – een Belgisch tijdschrift – in een overigens verder zeer goed interview, als onderschrift bij een foto van mij dat ik gezegd zou hebben dat een baby die drinkt uit flesjes van polycarbonaat het equivalent van een paar anticonceptiepillen per dag binnenkrijgt. Dat heb ik niet zo gezegd, en in het interview zelf is het ook genuanceerder opgetekend.
Wat ik wél heb gezegd, is dat ik een rapport heb gelezen waarin is aangetoond dat baby’s en jonge kinderen, die hun vloeibare en vaste voedsel uit flesjes, bakjes en blikjes van polycarbonaat krijgen, TOT 14,5 microgram Bisphenol A per dag binnen kunnen krijgen. Bisphenol A is een pseudo-oestrogeen dat vergelijkbaar is met de werkende pseudo-oestrogeen in de anticonceptiepil. In zo’n pil zit 20 microgram. Als je het lichaamsgewicht van een volwassen vrouw die de pil slikt, vergelijkt met die van een baby, kun je zeggen dat een baby TOT een paar anticonceptiepillen per dag binnen kan krijgen.

Hoewel dit als een verdediging kan klinken, neem ik geen woord terug van wat ik tot nu toe in welk interview dan ook heb gezegd.
Ik baseer mijn mening op de rapporten die ik lees, en de verhalen die ik van respectabele experts hoor. Uiteraard wordt mijn mening ook tegengesproken. Er zijn met name twee argumenten waarmee deskundigen mijn beweringen van tafel (proberen te) vegen.

Het eerste argument werd te berde gebracht door de – overigens zeer aardige en correcte – toxicoloog van het RIVM, Van Leeuwen, in het radioprogramma Radio Kassa.
In verband met mijn beweringen over de giftigheid van Bisphenol A in babyflesjes, zei hij dat deze stof door mensen wordt uitgeplast zonder dat het enig effect op hun gezondheid heeft. Hij bevestigde dat de stof zeer schadelijk is voor het milieu en voor dieren – daar was hij zelfs zo stellig over dat hij mij zijn hulp beloofde als ik ooit op die gronden de strijd tegen Bisphenol A wilde aanspannen – maar de mens zou er geen last van hebben.
Nou kan ik me met de beste wil van de wereld niet voorstellen dat een stof wel giftig is voor alle flora en fauna om ons heen, maar niet voor ons. En daarnaast heb ik rapporten gelezen dat de stof in het bloed van mensen, en zelfs van foetussen in de baarmoeder, is aangetroffen. En dat zou dan geen gevolgen hebben voor de gezondheid? Het spijt me maar dat wil mijn gezonde verstand niet accepteren.

Het tweede argument, dat wordt gebruikt om ieder bijeffect van welke gifstof in plastic dan ook te ontkennen, is het feit dat de gifstoffen – want dat het gifstoffen zijn wordt niet ontkend – in een zodanig kleine hoeveelheid aanwezig zijn, dat de mens er geen last van heeft.
Van een dergelijke bewering sla ik steil achterover. Hoe kan een wetenschapper, een medicus, zoiets beweren. Juist de medische wetenschap experimenteert voortdurend met de werking van uiterst kleine hoeveelheden van bepaalde stoffen.
Het was de Nobelprijswinnaar Schatz die de niet-lineaire vergiftiging al aantoonde: een gifstof wordt inderdaad minder schadelijk als je hem verdunt, maar als je hem vervolgens nog sterker verdunt, wordt de werking juist weer heftiger.
Met name de receptoren in ons lichaam die onze hormoonhuishouding regelen, zijn uitermate gevoelig. En veel van de gifstoffen in plastic – zoals verschillende weekmakers in pvc en het bovengenoemde Bisphenol A – werken in op die hormoonhuishouding, met alle gevolgen van dien.

Wat me nog het meeste verbaast is de stelligheid waarmee de wetenschappers beweren dat de gifstoffen in plastic schadeloos voor ons zijn.
Ten eerste weten we nog nauwelijks welke gifstoffen allemaal in plastic zijn verwerkt – en welke gevolgen die (laten we het voorzichtig zeggen) eventueel op onze gezondheid kunnen hebben.
En ten tweede: JUIST in de wetenschap – waar onze kennis zo snel verandert – is het zaak voorzichtig te zijn met stellige uitspraken, zeker als er zoveel tegenbewijs is als er in de plastickwestie het geval is.

Ik neem persoonlijk in ieder geval het zekere voor het onzekere. Ik ga af op de rapporten die ik lees, gecombineerd met mijn eigen verstand, maar ik laat me ook niet gek maken door spookverhalen.
En bovenal probeer ik iedereen duidelijk te maken dat plastic schadeloos kán zijn, zonder gifstoffen kán worden geproduceerd, zonder duurder te worden.

Want zeg eens eerlijk – als het gifloos kan – waarom zouden we dan in vredesnaam gifstoffen gebruiken? Of ze nou schadelijk voor ons zijn of niet?

Read this text in English

Sorry, comments for this entry are closed at this time.